2e Graad

Leerlingprofielen

Uw kind behaalt binnenkort het getuigschrift van de 1ste graad van het secundair onderwijs. Na het beëindigen van deze eerste graad – die observerend en oriënterend is –  kiezen leerlingen een studierichting op basis van interesse en op basis van mogelijkheden/capaciteiten. 

Op basis van interesse zal een leerling kiezen voor een studiedomein. In onze school bieden we volgende 3 studiedomeinen aan: STEM, Maatschappij en welzijn, Economie en Organisatie. Binnen elk domein worden verschillende richtingen aangeboden.

Na de keuze van het domein kiest de leerling, afhankelijk van zijn capaciteiten, voor een specifieke studierichting. We onderscheiden hierbij 3  finaliteiten, naargelang de mogelijkheden na het 6e jaar:

  • Finaliteit doorstroom: studierichtingen die voorbereiden op het hoger onderwijs (academische en professionele bacheloropleidingen)
  • Finaliteit doorstroom/arbeidsmarkt: studierichtingen die voorbereiden op het hoger onderwijs (professionele bacheloropleidingen) en/of op de arbeidsmarkt
  • Finaliteit arbeidsmarkt: studierichtingen die voorbereiden op de arbeidsmarkt

STUDIEDOMEINEN

Economie en organisatie 

Je interesseert je voor economie en je wil weten hoe ondernemingen functioneren. Je bruist van ideeën, misschien schuilt in jou een toekomstige ondernemer. Je communiceert graag. Je bent geïnteresseerd in innovaties op het vlak van informatietechnologie. 

Studierichtingen die te maken hebben met het economische, commerciële, juridische en ondernemende aspect van onze samenleving. Van inzicht verwerven in de macro-economie en de bedrijfswetenschappen tot commerciële, logistieke en administratieve dienstverlening. In al deze domeinen spelen informatietechnologie een belangrijke rol. De ambitie van het studiedomein is om met een sociaaleconomische blik naar de eigen omgeving, de onderneming en de wereld te leren kijken. 

Maatschappij en welzijn

Je interesseert je voor mensen en hoe ze binnen onze samenleving leven en Studierichtingen waarin de mens en de samenleving in alle facetten centraal staan. Je interesseert je voor thema’s zoals welzijn, lichaamszorg, lifestyle, voeding, gezondheid, agogiek, mens en samenleving. Je wil meer weten over de werking van het menselijk lichaam, de maatschappij, de mens en zijn gedrag, eigenschappen van menselijke producten en materialen. Een creatieve uitdaging is voor jou belangrijk. Je wil mensen begeleiden of zorg dragen voor anderen. Je bent geboeid door een wetenschappelijke blik op mens en maatschappij vanuit een kritische en onderzoekende houding.

STEM

Het verhogen van lichamelijk, psychisch of sociaal welbevinden van mensen is de focus. Soms ligt de klemtoon op doelgroepen en/of op diegenen die in onze samenleving zorg of ondersteuning wensen of nodig hebben. Zowel een gezonde als persoonlijke levensstijl spelen hierbij een rol. Verschillende benaderingen vanuit menswetenschappelijke invalshoeken komen aan bod, ondersteund door aspecten van natuurwetenschappen. Interessegebieden zijn: haar- en lichaamszorg, zorg en welzijn, lifestyle, mode, voeding, gezondheid, agogiek. 

Je interesseert je voor verschijnselen in de natuur en je bent nieuwsgierig naar logische verklaringen ervan. Techniek boeit je, je wil weten hoe dingen precies in mekaar moeten zitten om ze goed te doen functioneren. Je vindt plezier in het onderzoeken van natuurwetenschappelijke en/of technische verschijnselen. Je ontdekt graag nieuwigheden en bent creatief in het zoeken naar antwoorden op wetenschappelijke vragen. Je ontwerpt graag originele en bruikbare voorwerpen. Je bent geïnteresseerd in toepassingen vanuit de wetenschappen voor het dagelijkse leven zoals engineering, geneeskunde of informatica. Je vindt plezier in het ontwikkelen van je technische vaardigheden met allerhande materialen en gereedschappen. 

Studierichtingen kunnen brede STEM-richtingen zijn of een meer gerichte STEM-focus hebben. Een aantal studierichtingen focust op de levende natuur als wetenschapsdomein. De nadruk ligt hier op vakken als biologie, chemie en aardrijkskunde, basiswetenschappen voor onderzoek in verschillende domeinen als biotechniek, geneeskunde, genetica, ecologie, farmacie. Daarnaast heb je studierichtingen die de nadruk leggen op ontwerpwetenschappen die te maken hebben met engineering, Wiskunde, fysica en informatica. Techniek staat ook centraal in studierichtingen waar leerlingen al een meer gerichte keuze maken voor mechanica-elektriciteit, koeling en warmte, auto, bouw, hout en wonen, grafische media en communicatie. Het technisch proces, van probleemstelling over ontwerp tot en met de realisatie en het bijsturen ervan, staan centraal in het technologisch denken, ontwerpen en uitvoeren. 

STUDIERICHTINGEN EN FINALITEITEN

Finaliteit doorstroom

Humane wetenschappen domeinoverschrijdend

Humane wetenschappen is een sterk theoretische studierichting in de doorstroomfinaliteit. Ze combineert een brede algemene vorming met filosofie, kunstbeschouwing, sociologie en psychologie. Leerlingen maken een begin met het filosoferen over de mens, de wereld rondom ons, het goede en het kwade, het geluk en de zin van het leven. Ze leren kijken en luisteren naar kunst en ze leren de vorm, de inhoud, de context en de functie van kunstwerken analyseren vanuit een kunsthistorisch kader. Tenslotte ontwikkelen leerlingen een wetenschappelijk sociologisch en psychologisch begrippenkader en leren ze verbanden zien met betrekking tot de hedendaagse samenleving, de mens en zijn gedrag. Daartoe maken ze kennis met klassieke psychologische en sociologische theorieën. 

Leerlingen Humane wetenschappen tonen voor het geheel van de vorming inzicht in complexe leerinhouden, leggen vlot verbanden tussen leerinhouden en kunnen logisch redeneren. Ze verwerven complexere leerinhouden in een beperkt tijdsbestek. Ze zijn in staat om op een analytische en wetenschappelijk manier te kijken naar mens en samenleving. Ze hanteren menswetenschappelijke en filosofische concepten op een abstracte manier. Ze verdiepen zich in filosofie, kunst, sociologie en psychologie en willen alle aspecten van het menselijk bestaan bestuderen en begrijpen. 

Natuurwetenschappendomeinoverschrijdend

Natuurwetenschappen is een sterk theoretische studierichting in de doorstroomfinaliteit. Ze combineert een brede algemene vorming met deductief, empirisch en probleemoplossend leren vanuit de kernwetenschappen biologie, chemie, fysica en wiskunde

Leerlingen Natuurwetenschappen tonen voor het geheel van de vorming inzicht in complexe leerinhouden, leggen vlot verbanden tussen leerinhouden en kunnen logisch redeneren. Ze verwerven complexere leerinhouden in een beperkt tijdsbestek. Ze zijn in staat om geordend te denken en wiskundig abstracte begrippen en concepten te hanteren en inzichtelijk aan te wenden in natuurwetenschappelijke contexten. Ze exploreren planmatig verbanden en mogelijkheden bij het onderzoeken van fenomenen en het oplossen van problemen in biologie, chemie en fysica. Ze zien het als een uitdaging om een brede waaier aan wiskundige en natuurwetenschappelijke inzichten doelgericht met elkaar in verband te brengen door middel van analytisch en inzichtelijk denken.

Bedrijfswetenschappendomeingebonden

Bedrijfswetenschappen is een theoretische studierichting in de doorstroomfinaliteit. Ze combineert een brede algemene vorming met een uitgebreid pakket economie. Via de specifieke vorming in economie verwerven leerlingen inzicht in de economie als systeem en de werking van ondernemingen. De leerinhouden zijn erop gericht om leerlingen vanuit concrete maatschappelijke contexten inzicht te laten ontwikkelen in de belangrijkste economische concepten en hun onderlinge verbanden.

Leerlingen Bedrijfswetenschappen tonen inzicht in complexe leerinhouden, leggen verbanden tussen leerinhouden en kunnen logisch redeneren, vooral binnen de focus van het studiedomein en de studierichting. Via logisch en kritisch redeneren en vanuit concrete maatschappelijke contexten doorgronden ze de belangrijkste (bedrijfs)economische concepten en hun onderlinge verbanden.

Maatschappij- en welzijnswetenschappen domeingebonden

Maatschappij- en welzijnswetenschappen is een theoretische studierichting in de doorstroomfinaliteit. Ze combineert een brede algemene vorming met een inleiding in filosofie en met sociologie en psychologie. Leerlingen maken een begin met het filosoferen over de mens, de wereld rondom ons, het goed en het kwade, het geluk en de zin van het leven. Dat alles vanuit contexten en voorbeelden uit de samenleving, gezondheid en welzijn. Daarnaast ontwikkelen leerlingen een wetenschappelijk sociologisch en psychologisch begrippenkader en leren ze verbanden zien met betrekking tot de hedendaagse samenleving, de mens en zijn gedrag. Daartoe maken ze kennis met klassieke psychologische en sociologische theorieën. 

Leerlingen Maatschappij- en welzijnswetenschappen tonen inzicht in complexe leerinhouden, leggen verbanden tussen leerinhouden en kunnen logisch redeneren, vooral binnen de focus van het studiedomein en de studierichting. Ze zijn in staat om op een analytische en wetenschappelijk manier te kijken naar mens en samenleving. Ze hanteren menswetenschappelijke concepten op een abstracte manier. Ze verdiepen zich in sociologie en psychologie en willen alle aspecten van het menselijk bestaan bestuderen en begrijpen. 

Finaliteit doorstroom en arbeidsmarkt

Bedrijf en organisatie

Leerlingen Bedrijf en organisatie zijn sterk in het leren binnen de concrete contexten eigen aan het studiedomein en de studierichting. Ze verdiepen en overstijgen de praktische zijde van de studierichting door meer theoretische inzichten en concepten te verwerven. Zij zijn in staat om effectieve handelingen te stellen om concrete uitdagingen aan te pakken. Ze verdiepen zich in bedrijfseconomische concepten en processen vanuit concrete voorbeelden en slagen erin om de verworven kennis en inzichten aan te wenden bij het ontwikkelen van administratieve en commerciële competenties. Bij het uitvoeren van opdrachten gebruiken ze doelgericht functionaliteiten van digitale toepassingen. Ze zijn in staat om op een efficiënte, kwaliteitsvolle en klantgerichte manier te communiceren, adviseren en begeleiden. 

Maatschappij en welzijn

Leerlingen Maatschappij en welzijn zijn sterk in het leren binnen de concrete contexten eigen aan het studiedomein en de studierichting. Ze verdiepen en overstijgen de praktische zijde van de studierichting door meer theoretische inzichten en concepten te verwerven. Zij zijn in staat om effectieve handelingen te stellen om concrete uitdagingen aan te pakken. Fijn-motorische vaardigheden helpen leerlingen om tot realisaties in de praktijk te komen. Ze kijken vanuit een theoretische benadering naar mens en samenleving, zorgverlening en begeleiding. Hierbij gaat de aandacht naar de ontwikkeling en het gedrag van mensen én naar aspecten van anatomie en fysiologie. Ze gaan met die theoretische kaders aan de slag bij het uitvoeren van opdrachten m.b.t. indirecte zorg, zorgverlening en begeleiding. Ze zijn sociaal en communicatief vaardig en maken graag kennis met doelgroepen in functie van het zich oriënteren op hun verdere onderwijsloopbaan.

Finaliteit arbeidsmarkt

Zorg en welzijn

De leerlingen Zorg en welzijn zijn sterk in het leren binnen de concrete contexten eigen aan het studiedomein en de studierichting. Via concrete contexten verwerven ze basis-theoretische inzichten. Zij leren binnen een afgebakende en veilige leersituatie geleidelijk meer autonoom functioneren en zijn in staat effectieve handelingen te stellen om concrete uitdagingen aan te pakken. Fijn-motorische vaardigheden helpen leerlingen om tot realisaties in de praktijk te komen. Ze verdiepen zich in de ontwikkeling van de mens en leren de samenleving in al haar diversiteit kennen. Ze maken kennis met verschillende doelgroepen zoals kinderen en ouderen. Daarbij groeien ze in sociale en communicatieve vaardigheden om met (kwetsbare) mensen om te gaan. Ze zijn in staat om te reflecteren over het eigen denken en handelen. Ze zijn geboeid door de verschillende gezondheidsaspecten die niet enkel lichamelijke maar ook psychische en sociale elementen bevat. Ze voeren diverse praktische taken uit in de thuiscontext zoals voeding bereiden, boodschappen doen, schoonmaken, activiteiten begeleiden …

Moderealisatie en textielverzorging

De leerlingen Moderealisatie en textielverzorging zijn sterk in het leren binnen de concrete contexten eigen aan het studiedomein en de studierichting. Via concrete contexten verwerven ze basis-theoretische inzichten. Zij leren binnen een afgebakende en veilige leersituatie geleidelijk meer autonoom functioneren en zijn in staat effectieve handelingen te stellen om concrete uitdagingen aan te pakken. Fijn-motorische vaardigheden helpen leerlingen om tot realisaties in de praktijk te komen. Ze zijn geboeid door de modesector en houden ervan om met de naaimachine kleding en accessoires te realiseren. Ze verdiepen zich in de uitvoering van diverse afwerkingstechnieken en verfijnen daarvoor hun motorische vaardigheden. Ze ontwikkelen hun communicatieve en commerciële vaardigheden in functie van de verkoop van modeartikelen.

 

Delen